De visser


Een rijke toerist zag tijdens zijn vakantie op Bali aan de waterkant een Balinees. De toerist vroeg hem wat hij aan het doen was. De Balinees vertelde dat hij elke dag ging vissen en zodra hij met zijn enkele hengel een vis gevangen had naar huis ging om z’n vrouw de vis klaar te laten maken. Toen vroeg de toerist hem waarom hij niet met meerdere hengels tegelijkertijd viste, dan kon hij meer vissen vangen en ze verkopen.

Een jaar later kwam de rijke toerist weer op Bali en zag dat de Balinees een goed lopende vishandel had en zelfs personeel in dienst genomen had. Hij vroeg de Balinees hoe het hem verging en deze antwoordde: “Ik heb het zo druk gekregen dat ik nog een paar jaar hard moet werken en daarna rustig wat tijd vrij kan nemen om eens lekker te gaan vissen”.



Wij en zij


Men kan niet winkelen met een man.
Hij zegt al bij de eerste hoed:
neem die nou maar die staat je goed …
Hij wordt er zo verdrietig van.
Maar ‘t winkeltje van ijzerwaren,
daar blijft hij staan, al was het jaren.

Men kan niet roddelen met een man,
want hij vindt roddelen ordinair.
Hij geeft zichzelf een ethisch air
en dan is er zo weinig an.
Dat Mientje een verhouding heeft,
dat is iets waar hij niets om geeft.

Men kan niet wandelen met een man.
Hij schijnt het maar niet te bevatten,
dat wij geen peren willen jatten
met onze nieuwe swagger an.
Men kan niet met hem op bezoek gaan,
want hij houdt zijn manchesterbroek aan.

Men kan niet praten met een man,
zelfs niet over een soepterrien.
Hij vindt dat wij die soepterrien
veel te emotioneel bezien.
En hij beziet dat ding dus liever
in groot verband en objectiever.

Zodat ik soms de vraagt toch stel:
wat kun je met een man dan wel?
Nou ja, men kan … eventueel …
maar toch, au fond, niet zooo heel veel.

Annie M.G. Schmidt
uit: En wat dan nog

Dit lied en nog vele andere anti-mannen- c.q. pro-vrouwenliederen is afkomstig uit Sara, je rok zakt af, een vrouwenliedboek samengesteld door Cobi Schreijer en in 1980 uitgegeven door Feministische Uitgeverij Sara (in 1987 opgeheven).

Aanvulling 17:15 uur, vanmorgen had ik er de tijd niet voor om verder te typen:
Nu het aantal nog uit te pakken verhuisdozen langzaam maar zeker inkort en de boeken een onderkomen vinden kom ik weer van alles tegen en ben ik soms uren onder de pannen met ‘o ja, dat had ik ook nog’s. Enkele boeken heb ik zelfs dubbel … (dat klinkt raar Razz). Zodra alle boeken een plekje hebben én geordend zijn ga ik lijsten aanleggen. Alhoewel, na ordening zijn lijsten waarschijnlijk overbodig.



Herboren


Herboren

Als alles anders wordt,
kan het dan nog wel weer
anders worden …?

Als het nooit meer wordt
zoals het was,
hoe wordt het dan …?

Als ik nooit meer word
zoals ik was,
wie zal ik dan worden …?

Kan ik herboren worden
met een litteken in mijn hart,
toch weer gelovend
in de toekomst
en – gehavend -
toch gegroeid in mens-zijn?

Dit gedicht van Marinus van den Berg staat in het boekje Lied van verlangen, teksten voor Advent, Kerst en Driekoningen, ISBN 9024294088. Ik las het, zoals de rest van het boekje, en dacht er verder niet over na. Ik las het later nog een keer en stond er al wat langer bij stil. Nog later zocht ik het bewust op en toen pas drong tot me door hoe mooi het was en hoe passend bij míjn 2007: ik voel me als herboren, een ‘completer’ mens. En wat de toekomst brengt, dat zien we wel.



Sokken


SOKKEN

Gedicht verwijderd op 8 januari 2008 12:20 uur.
Zie reactie 14 en 15.



Draagvlak


Vanmiddag was ik ter gelegenheid van het afscheid van een collega in De Waterlely, in Natuurpark Lelystad. Op de ramen zag ik dichtregels, kon vanwege de drukte niet alles lezen, maar heb een paar regels genoteerd zodat ik het gedicht thuis op internet op kon zoeken. (Collega’s keken vreemd op, die kennen mij nog niet zo goed dat ze kunnen weten dat dit voor mij heel normaal is. Alien)

een van de ramen van De Waterlely

Ik heb het gevonden! ‘t Is geschreven door Hein Walter in het kader van zijn ‘Poëzie op locatie’.

DRAAGVLAK

Eens was er leegte,
de zonbeschenen leegte van zeeen,

toen was er water dat wegmoest,
verdreven, de mensheid een weg zocht

naar leven en ruimte, dorpen verschenen,
omgeven door vlakten en uitzicht,

het groen onbegrensd en natuur
die de hand kreeg te groeien,

maar toen al de angst voor de vloedgolf
van mensen die eens zouden komen,

de eenvoud verstoren – hoe hou je dat tegen,
het inzicht verbleekte, verkrampte,

het mes werd geslepen, het zwaard opgenomen –
nu zijn ze gekomen, de wegen gelegd,

de steden vergroeid met de adem van velden,
een met het landschap, niet bang meer

voor toekomst, natuur was als spelen met kansen,
verweving van invloed, toneel van vooruitgang,

balans in structuur en open gedachte
van wind die kan waaien waarheen die maar wil.

Hein Walter

Gerelateerde websites: Siemen Bolhuis | Flevolandschap | De Waterlely



Het tentje


Zijn moeder zei dat het niet hoorde.
Haar vader vond het ongepast.
Dat gaf nog even harde woorden.
Maar dat ze gingen, stond al vast.
Haar moeder riep: ‘Vooruit dan maar.
Zolang je het maar veilig doet.’
En daarna zijn ze weggegaan’.
Een nieuwe toekomst tegemoet.

Voor het eerst met z’n twee
met een tentje op stap.
Het budget te klein
en de ruimte te krap.
Maar o zo verliefd,
in het licht van de maan.
Al vergaat heel de wereld,
het tentje blijft staan.

Ze trokken door de Duitse Eiffel.
Ze sliepen ‘s avonds aan de Saar.
Het was er prachtig, zonder twijfel,
maar ze bekeken slechts elkaar.
Een week leek alles heel volmaakt.
Toch kwam tenslotte het moment
waarop spaghetti niet meer smaakt
en het te krap werd in de tent.

Voor het eerst met z’n twee
met een tentje op stap.
Het budget te klein
en de ruimte te krap.
Verliefd, zo verliefd,
zij op hem, hij op haar.
Een flink eind van huis,
maar te dicht op elkaar.

Wat kon hij ‘s nachts ontzettend snurken.
Wat haatte hij haar noten-kwark.
Wat droeg ze toch een trutten-jurken.
En wat was hij een stijve hark.
Ze zijn maar weer naar huis gegaan
na, welgeteld, een dag of tien.
De ouders waren zeer voldaan.
Haar moeder had het goed gezien.

Voor het eerst met z’n twee
met een tentje op stap.
Het budget te klein
en de ruimte te krap.
De wind in de rug,
wat een prachtig begin.
Maar hij draait en jawel hoor,
het tentje stort in.

Marian van Gog, stadsdichter van Lelystad (2007-2008)
uit: ‘zin en onzin’ – liedjes om te lezen

Ik ken van Marian van Gog alleen ‘zin en onzin’ – liedjes om te lezen : aardig, maar ik word er eerlijk gezegd niet heet of koud van. Geef mij maar de teksten van onze vorige (= eerste) stadsdichter Gerard Beense, die ‘voel’ ik tenminste. Wellicht doe ik Van Gog tekort en heeft ze betere poëzie geschreven dan die in dit boekje; zo ja, kom maar op, ik ben niet te beroerd mijn mening eventueel bij te stellen.
Ter info: Van Gog is ook schrijfster van kinderboeken.



Verliefd meisje


In schril contrast met de bezoekersdrukte op mijn Valentijnspagina is mijn Valentijnsdag in het werkelijke leven, die gaat namelijk altijd volkomen aan me voorbij. Ik heb wel eens een cadeautje gekocht voor een geliefde, of iets speciaals gekookt, maar ‘mijn’ mannen waren niet van de soort die dat waardeerde; zélf hadden ze dan niet aan Valentijn gedacht, hetgeen een ongemakkelijke situatie opleverde, en hoe red je je daar als man uit? Juist ja, door te zeggen dat Valentijnsdag lariekoek is. Dat is het misschien ook, maar anderzijds is er niets mis met een ingelast dagje romantiek.
Tot zover mijn ervaring. Ik heb er geen trauma aan overgehouden of nachtmerries van. In tegenstelling, vermoed ik, tot het meisje in het onderstaande gedicht van Willem Wilmink. Geen specifiek Valentijnsgedicht, maar wél over de liefde. Och, wat heb ik met dat kind te doen. Het zal je maar gebeuren dat je je verheugt op een afspraakje en dat onze lieve Heer ervoor zorgt dat je uitgerekend die dag in je allermiserabelste doen bent. Wilmink op z’n best!

Dankgebed van een verliefd meisje

Ik droom al wekenlang van hem,
ik zie zijn ogen, hoor zijn stem,
en voor vandaag hebben we afgesproken.
Op deze dag, zo mooi, zo goed,
dat ik hem voor het eerst ontmoet,
is dus mijn linkeroog ontstoken.

Dank u zeer,
lieve Heer
van omhoog,
dank u zeer voor mijn vuurrooie oog.

‘k Ben altijd mooi en kerngezond,
nu heb ik uitslag aan mijn mond,
en ook een linkervoet waar ik mee sukkel.
Ach, lieve Heer, kijk eens omlaag:
op deze neus zit juist vandaag
een reuze-pukkel.

Dank u zeer,
lieve Heer,
dank u wel,
dank u wel voor dat fraaie gezwel.

Overal zweet ik, herejee,
ondanks de poeiers en de spray.
Zo kan ik hem niet eens een hand gaan geven.
Nog één ding heb ik niet verteld:
ik was nog nooit zo ongesteld
in heel mijn leven.

Ik zit met mijn gestel in de knel,
dank u zeer,
lieve Heer,
dank u wel.



Zei een blad sneeuwwit papier


Zei een blad sneeuwwit papier:
‘Ik ben rein geschapen en blijf eeuwig rein. Ik verga liever tot witte as dan dat ik gedoog dat ik word aangeraakt door de duisternis of dat er iets onreins in mijn buurt komt.’
De inktpot hoorde wat ze zei en lachte in zijn duistere hart, maar hij durfde haar niet te benaderen. En de veelkleurige potloden hoorden haar ook enkwamen ook nooit bij haar in de buurt.
En het sneeuwwitte blad papier bleef eeuwig rein en kuis – rein en kuis – en leeg.

blad papier

Uit: Spiegels van de ziel – Kahlil Gibran – ISBN 906325461X



Die Spieël


Die spieël is ‘n snaakse ding,
Hij kan portrette maak;
Net soos jij in sij raampie kijk,
Neem hij jou somaar raak.

Hij gee niet om nie: Is jij mooi,
Hij sê dit sonder vrees;
Maar is jij lelik, mens moet dan
Ook maar tevrede wees.

Daar is nie baie mense nie
So eerlijk as dié ding.
Hij sal jou nooit iets voorpraat nie,
Of mooie liedjies sing.

Hij sê ons juis waarop dit staan,
En lieg kan hij tog nie;
Die regte waarheid gee hij jou,
Al bring dit ook verdriet.

Was al ons vrinde soas hij,
Ons sou die waarheid hoor.
Maar seker is dit dat ons dan
Veel vrinde sou verloor.

Jacob Lub

Uit: Gerrit Komrij – De Afrikaanse poëzie in 1000 en enige gedichten – ISBN 9035120418
Momenteel voor € 7,90 te koop bij de boekwinkel in de Kroonpassage te Lelystad, ik zag nog drie exemplaren staan.



Allerdroevigst


Eerst zakdoeken pakken, daarna pas op de afbeelding/link klikken als je wilt lezen hoe gevaarlijk het is met vuur te spelen. U zijt gewaarschuwd! Cry

zwavelstokjes

De allerdroevigste Geschiedenis met de zwavelstokjens