september 23rd, 2007
Gebreide damesonderbroek
- klik op de afbeelding voor een groter formaat -
Al is er vandaag weinig van te merken: de herfst is begonnen en de wintergarderobe kan langzamerhand weer tevoorschijn gehaald worden. Tip voor de echte koukleumen onder de dames: de gebreide onderbroek. Ik zie mezelf nog niet zo’n ding dragen, maar wie weet doe ik iemand een plezier met het breipatroon uit het Groot Handwerkboek uit Grootmoeders Jeugd (ISBN 9022952541). Ik neem het letterlijk over, de afkortingen spreken voor geoefende breisters voor zich en ongeoefenden kunnen er beter niet aan beginnen.
De korte broek, bestemd om tot meerdere warmte onder een gekeperd katoenen broek te dragen, is van witte breiwol op houten breinaalden gebreid.
Benodigd materiaal: dunne witte breiwol; 2 houten breinaalden; 1,75 m katoenen band (5 cm breed); 1,50 m smal lint; een haaknaald passend bij de breiwol; 1 knoop
Gebruikte steken:
Grof boordpatroon: 3 r., 3 av., terugg. zoals de steken zich voordoen.
Boordpatroon: 2 r., 2 av., terugg. zoals de steken zich voordoen.
Ribbels: alle naalden recht.
Werkwijze: De broek wordt in 2 delen (een linker en een rechter helft) op 2 nldn. gebreid.
Broek: (2 gelijke delen breien): met wit opzetten: 120 st. en grof boordpatroon breien. Na 20 toeren in ribbels verder breien. Als 34 ribbels gebreid zijn 16x bij elke 5e ribbel 2 st. mind. (119 ribbels). Over de rest. 86 st. 19 toeren boordpatroon breien. Afkanten.
Afwerking: Broekspijpen tot 28 cm. hoogte sluiten, middenvoornaad tot het grove boordpatroon sluiten, achternaad sluiten.
Aan de bovenkant van de broek het breiwerk met vasten omhaken en voor de stevigheid de bovenrand, van voren glad en van achteren gerimpeld tussen een dubbele katoenen band zetten, deze band heeft de gewenste taillewijdte. De broekband wordt met een knoop en knoopsgat gesloten.
De pijpen met een aangehaakt kantje afwerken: 1e toer: het breiwerk met st. omhaken (een aantal deelbaar door 4), toer sluiten met h.v. in 1e st. 2e toer: * 5 l., 3 st. oversl., 1 v. in het volg. st., vanaf * herh., toer sluiten met h.v. in 1e beginl. 3e toer: 1 h.v. op elk van de volg. 3 l., * 2 l., 1 picot (= 4 l., 1 v. in 1e picotl.), 2 l., 1 v. om het volg. boogje. Vanaf * steeds herh. toer sluiten met h.v. in beginh.v.
Om de pijp meer aan het been te laten sluiten een lintje door de stokjestoer rijgen, het lint een beetje aantrekken en met een strikje sluiten.
Mocht iemand dit breiwerk gaan doen, dan zou ik t.z.t. graag een foto van het resultaat zien. Mét de draagster erin uiteraard.
Er staan overigens prachtige omslagdoeken in het boek, zowel gehaakte als gebreide. Eentje is zo mooi (gebreid met gebreide ‘kanten’ rand), ik vraag omaBee of ze die voor mij wil breien.
—> VOOR VERVOLG KLIK HIER, MET LINK NAAR BREIPATROON. <---



@AnnabeeLeest
